<p>Diederik Menting heeft al van jongs af aan belangstelling voor het vervoer op rails en zeker voor de tram. (foto: Ellen Koelewijn)</p>

Diederik Menting heeft al van jongs af aan belangstelling voor het vervoer op rails en zeker voor de tram. (foto: Ellen Koelewijn)

(Foto: )
Met filmpje

Tram is met de paplepel ingegoten

ARNHEM - Alles wat op rails rijdt heeft de fascinatie van Diederik Menting. De oude techniek spreekt hem aan. Daarom is hij in het Openluchtmuseum in Arnhem op zijn plek. En nu al helemaal omdat het museum tijdelijk de beschikking krijgt over een bijzonder aanhangrijtuig. Die rijdt nog het hele seizoen rond.

door Vincent Bos

Zijn familie is verweven met het openbaar vervoer. Een oom in Amsterdam is altijd actief geweest met museumtrams en een andere oom werkt bij Arriva en Connexxion in het busvervoer. Zijn vader rijdt al vanaf 1996 in het Openluchtmuseum met de tram. Kortom, de belangstelling voor alles wat met het openbaar vervoer te maken heeft, kreeg Diederik Menting (32) met de paplepel ingegoten. Aan inspiratiebronnen heeft hij geen gebrek.

Coördinator

Dat de vonk naar hem is overgeslagen, staat wel vast. De tram is zijn passie. En zijn werk geworden. In het museum is hij coördinator van de trams. Het is een betaalde functie. “Van mijn hobby heb ik mijn werk gemaakt. Vanaf de tijd dat mijn vader op de tram zit, ging ik al met hem mee. De tram boeide me meteen.”

Dat heeft zeker met de techniek van het vervoermiddel te maken. Hij legt het uit hoe het werkt. “De stroom in de bovenleiding gaat via de stroomafnemer, die op het dak staat van de motorwagen, via het gangwiel (stuur) wat op de schakelkast staat richting de motoren zodat de tram elektrisch kan rijden. Door het gangwiel de andere kant op te draaien gaat de tram remmen. Met het gangwiel kun je dus rijden en remmen.”

Opleiding

Remmen is op het 44 hectare grote terrein van het Openluchtmuseum nog een hele kunst vanwege het glooiende parcours. De trambestuurders worden daarom terdege opgeleid. Daarvoor zijn elf instructeurs actief.

Omdat de tram al 25 jaar in het museum te zien is, wordt er tijdelijk een aanhangrijtuig aan gekoppeld. “Die is dertien meter lang en hang achter de motorwagen. De tram is daardoor zwaarder voor het trekken en remmen. Zeker vanwege het hellende terrein bij ons. Dat vergt meer concentratie en een andere techniek van remmen”, legt Menting uit.

Museumweek

Hij is in zijn element met de bijwagen. “Daardoor vergroot je de vervoerscapaciteit. Dat is meegenomen in deze coronatijd. Het is leuk dat we het publiek nu wat extra’s kunnen bieden. En er komen meer extra activiteiten aan.”

Omdat het Openluchtmuseum nu 25 jaar over een tram beschikt, is vorige week zaterdag het tramstel HTM 779 in Arnhem gearriveerd. Die aanhangwagen is tijdens de Museumweek (21, 22 en 23 april) voor het eerst te zien. Inmiddels rijden acht trams rond op het anderhalve kilometer lange tramspoor. Het lenen van de aanhangwagen is mogelijk gemaakt door de Tramweg Stichting en Wassenaarse Tram. In de tramremise is vanaf dit voorjaar een geheel vernieuwde presentatie te zien. Kinderen kunnen onder meer een tramsimulator besturen.

www.openluchtmuseum.nl

Filmpje: https://www.youtube.com/watch?v=cCvkcdJb1_g 

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden