Foto:
Column Hilde Wijnen

Wim

Waar ga je vandaag een stukje over schrijven, mama? Ha, zeg ik, nu heb ik iets leuks! Het NK Tegelwippen! Ik kijk haar vol verwachting aan. Van alle dingen die de dochter mist aan onze vroegere stulp, staat de tuin zeker in de top vijf. Dat is best knap, want ze mist alles in en om dat veel te kleine huisje. De buurthondjes, het grasveld voor de deur, de vriendin aan de overkant, skaten met de buurman, aanwaaien bij de buurvrouw, de deur die voor de helft open kan, de zolder met de rekstok. Zelfs de muur wordt gemist. Die noemde ze Wim. Hoi Wim, zei ze dan, als we thuiskwamen. Hoe is het?

Toen we net verhuisd waren, huilde ze zelfs om hem. O, ik mis Wim zo! Waar ben je toch? Wim! gierde ze als een volleerd actrice uit de eerste de beste dramaserie.

Wim kan wel met ons mee, knarsetandde ik dan. Als je deze muur Wim noemt, dan is er hij er toch? Maar nee, zo werkt dat niet met muren. Kennelijk. Woest keek ze me aan. Domme mama.

Afijn. De tuin. Behalve Wim moesten we ook die achterlaten. De slakken, de pissebedden, de egel, de passiebloem, de rozen, het piepkleine stukje gras dat we inzaaiden voor precies één denkbeeldig schaapje, alles. Ook al niet leuk. Als er iets moest veranderen aan ons stomme nieuwe huis, was het wel dat er net zo’n tuin moest komen als daar. Alle stomme rottegels van die stomme nieuwe rottuin, eruit moesten ze!

Dus.

Wat is dat dan, het NK Tegelwippen? vraagt de dochter. Nou, begin ik stralend van genoegen, dat is een wedstrijd. Alle steden in Nederland doen mee. Dan kun je tegels uit je tuin halen zodat je er plantjes in kunt zetten. Alle tegels van alle mensen samen worden bij elkaar opgeteld. En wie de meeste tegels uit zijn tuin heeft gewipt, heeft gewonnen. Leuk hè?

Sááái, antwoordt de dochter.

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden